#64 WHITE WHEREVER YOU GO

IMG_5111

 

Het leek alsof ik in een droom beland was. Overal waar ik keek, was het wit. Ik zag geen structuren, geen diepte. Achteraf gezien was het best mooi. Maar de bordjes die aangaven of je nog wel over de piste skiede, waren ook nauwelijks zichtbaar. Ik viel, wist niet meer waar ik heen moest. Ik werd omring door enkel sneeuw.

Oké, oké, dit is misschien de lichtelijk gedramatiseerde versie. Ik was niet helemaal alleen. Carmen skiede achter me, Mart voor me en verderop lag Jean-Paul op zijn snowboard te chillen in de sneeuw. Bovendien schrijf ik dit, en heb ik het dus allemaal overleefd. Nu kan ik er wel om lachen. Op het moment zelf niet bepaald.

Laat me de situatie nog iets verduidelijken. We zouden met z’n vieren gaan skiën. Mart, Jean-Paul, Carmen en ik. De eerste twee behoorlijk ervaren op de piste. Carmen en ik… iets minder. Maar, het ging steeds beter. Goed genoeg om vandaag eens een nieuw gebied te gaan verkennen. Het weer was niet perfect, maar daar konden we wel tegen. Dachten we.

We kwamen aan bij de lift, maar die leek niet te gaan. Uiteindelijk bleek alleen de piste gesloten. Je mocht met de lift naar boven, en vervolgens met een andere verder naar een ander gebied. De afdaling na de eerste lift mocht je niet maken – te gevaarlijk. Dit hadden we als een teken kunnen zien. Maar dat deden natuurlijk niet. Hoppa, niet zeuren, met de lift naar boven.

De overstap tussen de twee liften werd een uitdaging op zich. Er zat een afstand van zo’n vijftien meter tussen. Meer kan het echt niet geweest zijn. Maar de tweede lift was niet te zien. Mart ging op verkenning uit. Na een paar stappen zag ik hem nog maar heel vaag. ‘Kunnen jullie me zien? Kom maar hierheen, de lift is deze kant op!’ Voorzichtig stapten we richting Mart. Naast me stortte iemand bijna van de piste naar beneden. Wij bereikten de lift. In het andere gebied zouden de omstandigheden vast beter zijn.

Dat waren ze niet. We namen een liftje omlaag. Hoe lager op de berg, hoe minder mist. Ja, hier viel het wel mee. Rode piste, prima. Daar gingen we. Na vijf minuten zagen we enkel nog wit. Ja, en daar sta je dan. Niet wetend of je recht de piste afgaat of recht een ravijn in stort. We skieden van paaltje naar paaltje, telkens blij als er één opdoemde uit de mist. ‘Ja, daar, ik zie er weer één!’ Het was een blauwe, met het SOS-nummer. ‘Sla die maar even op.’

Dit ging geen leuk ski-tochtje meer worden, dat was inmiddels wel duidelijk. Je kon het sowieso geen skiën meer noemen, eigenlijk. De meeste stukken schoven we naar beneden. We moesten wel door om bij een lift te komen die ons terugbracht. Stukken zwart en rood. Twee dagen geleden deden we het ook, maar nu was er geen Godi die voor ons uit skiede. Wel Mart en Jean-Paul, die allebei heel kalm bleven en ons er bochtje voor bochtje doorheen hielpen.

Het leek eindeloos te duren, maar dit dramatische verhaal kwam toch echt tot een einde. We bereikten de lift (ik met trillende beentjes), en gingen zo terug naar bekend gebied. Daar was ook een heleboel witte sneeuw. Maar met al die zichtbare, liften, huisjes, bomen en vooral mensen, was het daar toch een stuk kleurrijker.

#60 OFF TO AROSA

IMG_9777

Ik had nog geen vakantiegevoel. Totaal niet, zelfs. Maar toen ik vandaag om 09.55 in het vliegtuig stapte, werd het allemaal echt. We gingen echt naar Zwitserland. Een week lang sneeuw, bergen en skiën. Een week lang, met mijn ouders, broer, vriend en vriendin Carmen. Ik deed mijn ogen even dicht en voelde mezelf bochtjes draaien door de verse sneeuw. Omringd door frisse berglucht, een strakblauwe hemel en de zon op mijn gezicht. Ik ging steeds harder. Door mijn knieën naar beneden. Ho. Dat was een onverwachte hobbel. Ik wankelde. Ik voelde een bonk. Het was het vliegtuig dat was geland. Ik was niet gevallen. Nog niet.

De eindbestemming zou bereikt worden met verschillende treinen en we werden dus ook geconfronteerd met verschillende medereizigers. Eerst een vrouw die in haar eentje vier stoelen wilde claimen (wat is ‘asociaal’ is het Zwitserdeutsch?), toen een heel kinderdagverblijf dat op skivakantie ging. Waar wij ons tijdens lange reizen vermaakten met vakantie-doeboeken en later de gameboy, werden deze zeven-jarigen zoet gehouden met piepkleine digitale cameraatjes. Ze maakten elke drie seconden een foto van het uitzicht. Ik zag het al voor me, dat een van die moeders de eerste bochtjes van hun kind vast wil gaan leggen, maar de geheugenkaart helemaal vol blijkt te staan. Met honderden vergelijkbare foto’s van bergen. Zonder sneeuw.

Dit alles weerhield ons er natuurlijk niet van om te genieten van het idyllische landschap, en alvast wat vakantieplannen te bespreken. Ik vind het heerlijk, op deze manier reizen. Het zit veel gezelliger, zo tegenover je reisgenoten, en ik vind het mooi hoe je het landschap langzaam ziet veranderen. Steden veranderden in kleine bergdorpjes, op het einde was er nog maar sporadisch een huisje te zien. Ook zagen we twee keer een paar hertjes. Natuurlijk was ik twee keer net te laat met mijn camera. Vandaar de foto van Carmen hierboven.

Bij het laatste station stapten we uit. In Arosa was er wél sneeuw, en niet zo’n beetje ook. Ik was al bijna vergeten hoe een echte winter voelde, maar toen ik uit de trein stapte werd ik meteen met mijn neus op de feiten gedrukt. Of met mijn billen, eerder: ik had het behoorlijk fris in mijn spijkerbroekje. Oh ja. Hier was het echt koud.

We betrokken ons appartementje voor de komende dagen en gingen daarna langs de skiverhuur. We werken geholpen door een vriendelijk meisje, maar toen ik vroeg of ik misschien een andere kleur ski’s kon krijgen, zag ik haar toch wel even met haar ogen rollen. (For your information:ze waren babyroze. Ik vond dat ik daar best iets van mocht zeggen.) Toen moest ik nog een helm. ‘Auch schwarz?’

Ja, jeetje. Het zal wel weer aan mij liggen hoor, waarschijnlijk is het raar. Maar zo’n michelinmanjas en dito broek helpen al niet echt om er nog een beetje leuk uit te zien op de piste. Dus als ik dan op mijn skigerei nog wat invloed kan uitoefenen… Dan graag, ja.

LAST PICTURES

IMG_8384

Met de harde knallen worden de boze geesten verjaagd, zodat men ‘schoon’ het nieuwe jaar in kan. De stoepen kleuren rood na deze traditionele pagara’s. 

En dan zijn we eindelijk aangekomen bij de laatste Curaçao-foto’s, gemaakt vlak voor of vlak na de jaarwisseling. Ik zal je eerlijk zeggen dat ik van de meeste niet precies meer weet wanneer ik ze maakte. De dagen op Curaçao veranderen na een tijdje in een blur van strand, zon en zee. Dat je niet meer weet welke dag het is, hoe lang je er al bent of er nog zal zijn.

IMG_8409

Oudejaarsavond op de Pondjesbrug

IMG_8414 IMG_8454 IMG_8508 IMG_8513

Degene die dit heeft bedacht verdient echt een prijs.

IMG_8533

Ben ik de enige die denkt dat deze reclame alleen maar meer is gaan opvallen nadat hij is overgeschilderd?

ROW YOUR BOAT

IMG_8342

Ik ben alweer bijna een week thuis, maar heb nog genoeg foto’s die ik met jullie wil delen. Ik heb in Curaçao namelijk een hoop gefotografeerd. Het internet liet echter wat te wensen over, waardoor ik niet alles heb kunnen plaatsen hier.

Op Curaçao zijn overal kleine bootjes te vinden. In de zee, op havens, het strand, of zelfs langs de weg. Vissersbootjes, roeibootjes en bootjes die eruit zien alsof ze al een hele tijd niet meer gevaren hebben. Sommige zien eruit alsof ze al eens (of vaker) gezonken zijn in de helderblauwe zee.

IMG_8349 IMG_8356 IMG_8358 IMG_8364

#4 URGGHHHH

IMG_8566

Sorry hoor, mag ik hier even klagen? Ik weet dat het eigenlijk niet de bedoeling is, zo aan het begin van het nieuwe jaar, nu iedereen nog heppie de peppie is en bomvol zit met goede voornemens. Maar het moet gewoon even. Wanneer je op zo’n fijne plek bent geweest, waar niets moet en alles mag, zorgt dat nou eenmaal voor een groot contrast met de terugreis die ik vannacht meemaakte.

‘Pfft, ik heb echt helemaal niet geslapen.’ mopperde ik, terwijl we in rij nummer zoveel stonden te wachten, ditmaal om nog maar eens mijn paspoort te laten controleren. ‘Ja, dat heb je toch echt zelf in de hand.’ zei papa. Er was maar één correct weerwoord. ‘Nee, pap. Vandaag niet.’

Laat me de situatie waarin ik me bevond even schetsen. Er waren natuurlijk de krappe vliegtuistoelen en krijsende baby’s – business as usual. Maar naast me – of ja, aan de andere kant van het gangpad, dat gelukkig nog wel – zat een man. En die man produceerde het smerigste geluid dat ik kan bedenken: hij haalde om de tien seconden zijn neus op. Heel luidruchtig – je hoorde gewoon wat er allemaal naar boven kwam. Nu zal je denken, joh, dat doet iedereen toch wel eens, stel je niet aan. Maar echt – acht uur lang daar naar luisteren is erg. Het houdt je uit je slaap – koptelefoons hadden geen zin. Ik heb hem een paar keer heel vuil aangekeken, maar of hij merkte het niet, of hij negeerde me. Ik had bijna mijn kussentje tegen zijn hoofd aan willen gooien. En het allerergste: op tafel had hij een stapel van minstens tien zakdoekjes liggen. HAD ER IETS MEE GEDAAN, MAN!

Los van dit alles: ik heb een heerlijke vakantie gehad. Maar dat wisten jullie natuurlijk al.

 

VIDEO: CURAÇAO 13~14

Ik heb jullie natuurlijk al overspoeld met een heleboel foto’s, die de sfeer van Curaçao naar mijn mening best goed overbrengen. Een filmpje geeft toch net weer een ander gevoel. Sommige dingen komen gewoon beter over op bewegend beeld en een passend muziekje (Old Pine van Ben Howard) draagt ook zeker bij aan de ervaring. Daarom dus een filmpje van de eerste week op Curaçao! En eigenlijk ook zodat ik het op ieder gewenst moment nog even terug kan kijken en erbij weg kan dromen.

 

#3 A HOUSE OR A HOME

IMG_8555

Hier is een huis een plek, omringd door muren en met een dak erboven, of in ieder geval iets dat de regen tegenhoudt. Er is een brievenbus en een huisnummer. Tenslotte is er een deur – ramen zijn, zoals je ziet, niet noodzakelijk. Dan de dingen die je huis tot een fijne plek maken: een tv, een koelkast en airconditioning. Familie om een feest mee te vieren, muziek, eten. Je hond die voor de deur ligt te slapen. Dat het dak bijna uit elkaar valt van de roest, de klimplanten je huis overwoekeren, en dat die auto al tien jaar functioneert als bloempot in de voortuin… Dat maakt niet uit. Het geeft de plek toch ook een bepaalde sfeer. Het maakt van een huis, je thuis.

#2 FLOATING RAINBOW

IMG_8537Zelfs hier regent het wel eens. Er is regen in twee categorieën. Categorie één: het tropische buitje, dat zo’n twintig minuten aanhoudt, waarna er al gauw weer een waterig zonnetje tevoorschijn komt die de plassen snel doet verdwijnen. Vandaag viel de regen duidelijk in categorie twee: hevige buien die vrijwel de hele dag aan zullen houden. Het eiland is er niet op gebouwd. Auto’s laten enorme plassen opspatten, de mensen blijven binnen of wachten onder afdakjes tot ze hun reis kunnen voortzetten. De putten draaien overuren, parasols waaien gevaarlijk in de bijkomende wind. Olie op de weg vermengt zich met het water – hoewel de zon niet schijnt, drijven er regenboogjes op straat.

NOWHERE ELSE

IMG_8370

Wanneer je ‘curaçao’ googelt, kom je plaatjes tegen van witte zandstranden, blauwe zeeën en prachtige zonsondergangen. Deze dingen zijn er ook, dus daar is niks aan gelogen. Maar wie daardoor denkt dat Curaçao hetzelfde is als ieder willekeurig bounty-eiland, die heeft het mis. Want er zijn een paar dingen die bij dit eiland horen als bij geen enkele andere plek ter wereld.

De weersvoorspellingen van Curaçao vind ik heel grappig, want elke dag om en nabij hetzelfde. Een zonnetje, een wolkje, een drupje en zo’n 30 graden. Het is een beetje een familiegrapje geworden: wij stellen ons voor dat er één persoon is die de weersvoorspellingen van Curaçao doorgeeft. Op één januari vult diegene gewoon voor het hele jaar zo’n beetje hetzelfde in, om vervolgens lekker naar het strand te gaan.

Puffs

Vervolgens: Puffs! Gaat er een belletje rinkelen? Ik denk dat Puffs zich het beste laten omschrijven als knaloranje, dikke, vingerchips. Vroeger verkochten ze ze ook in Nederland, gewoon bij de supermarkt. Maar sinds een aantal jaar geleden zijn ze nergens meer te vinden. (En daar zal vast een reden voor zijn. Ik denk te veel schadelijke kleurstoffen, transvetten of calorieën per zak. Maar ik weet het niet zeker – ik heb nog nooit op het etiket durven kijken.) Hier op Curaçao hebben ze echter wel Puffs. Wat een feest. Niet bij de Albert Heijn – je moet ervoor naar de achterafsupermarkten van Curaçao. Maar ach, zo kom je nog eens ergens. Ik kan me voorstellen dat niet iedereen de liefde met me deelt: je  gaat er heel erg van uit je mond stinken, als je er één op je kleren laat vallen ben je de lul (vanwege aldie kleurstoffen) (‘Dit is eigenlijk een foute Puff-jurk’ is een uitspraak die ik laatst hoorde) en ze smaken eigenlijk te erg naar kaas. Maar ze zijn zo lekker.

IMG_8361

Waar je in Nederland alleen op de 31e van half twaalf tot half één vuurwerk mag afsteken, is het hier een week van tevoren al feest. Keten langs de weg schieten uit de grond, de één nog mooier beschilderd dan de ander. De avonden voorafgaand aan oudejaarsavond zijn er al vuurwerkshows te zien, als een soort voorproefjes voor het echte werk. Datum en plaats lijken algemeen bekend, want het halve eiland loopt er voor uit. Wanneer je vlak voor het begin van het spektakel toevallig op zo’n locatie terechtkomt, weet je niet wat je ziet. Ten eerste: auto’s, overal auto’s. Elke lege ruimte wordt gezien als parkeerplaats. Mensen zitten in, op of voor hun voertuig, in dat laatste geval zelfs op meegebrachte plastic tuinstoelen. Files vormen zich, en de politie komt erbij. Oma, de pasgeboren baby, zoons en dochters plus aanhang – ze gaan allemaal mee. En dan te bedenken dat het echte feest nog moet komen!

De mensen hier verdienen absoluut een eigen alinea. Sommigen wonen in huizen waar in Nederland niet eens iemand meer in zou mogen wonen, rijden in een auto die half uit elkaar valt en hebben twee banen om rond te kunnen komen. Maar je hoort niemand klagen. Er zijn natuurlijk uitzonderingen, maar over het algemeen is iedereen hier zo vriendelijk en vrolijk.

Gisteravond bijvoorbeeld, gingen we eten in een restaurant. ‘Goeie avond’, sprak de serveerster. Een gouden tand blonk ons tegemoet. Ze was heel erg begaan met haar klanten en het restaurant, dat bleek wel. ‘Lekker!’ sprak ze nadat we onze bestelling hadden doorgegeven. Niets van de afstandelijkheid die je in Nederland vaak ziet. Het tegenovergestelde juist. ‘Smakelijk, dushi’s!’ sprak ze met een vet Antilliaans accent. Ter informatie: dushi betekent ongeveer hetzelfde als ‘schatje’. In Nederland zou men er denk ik niet van gediend zijn, schatje genoemd worden door iemand die ze pas tien minuten kennen. Maar hier kan dat, en gebeurt het ook. Verdere uitspraken waren: ‘Waar ga je, dushi?’ (toen mijn moeder opstond om naar het toilet te gaan), ‘Help me, schat,’ (toen ze een heet bord moest neerzetten terwijl ze haar handen nog vol had) en ‘Nee! Blijf bij mij tot sluit!’ (toen we vroegen om de rekening).

Tussendoor vertelde ze ons ook nog haar levensverhaal in een notendop. Ze had kinderen ‘en een man!’. Ja, dat merk je goed, daar werd de nadruk op gelegd. Er zijn namelijk heel wat vrouwen op Curaçao die kinderen van een paar verschillende mannen hebben, omdat laatstgenoemden er alweer vandoor zijn. Oud en nieuw kwam ter sprake. ‘’s Avonds ga ik naar de brug! Jullie ook? Misschien zien we elkaar daar!’ Aan het einde van de avond namen we afscheid. ‘Slaap lekker, dushi’s! Tot snel.’

CLICHÉS & CUTIES

IMG_8290

 

Daar ben ik weer, met de meest cliché Curaçao foto ooit. Om ‘m te maken moet je de cruisetoeristen van je af slaan en je best doen om te zorgen dat er geen zonneklep in je beeld hangt. Dit is namelijk het plaatje dat iedereen op zijn camera wil hebben staan, om te kunnen zeggen: ‘Kijk, hier ben ik geweest.’ (En ik ben zelf natuurlijk net zo, want elk jaar moet ik die foto toch weer even maken.) In ieder geval – dit is Willemstad, de hoofdstad (en enige stad) van Curaçao. De brug drijft op kleine bootjes, omdat hij af en toe volledig open ‘vaart’ om een groot schip door te laten. Dit zorgt ervoor dat het een beetje deint. Maar wanneer de golven wat hoger zijn, kan het flink heen en weer bewegen. En als vanzelf doen de mensen op de brug dat dan ook – van voor naar achter, van links naar rechts. Er wordt gewiggeld van de ene naar de andere kant.  Een grappig gezicht: alsof iedereen iets te diep in het glaasje heeft gekeken.

IMG_8291 IMG_8305

Commentaar van de familie: ‘Mooie foto’s!’ en daarnaast ‘Maar het lijkt wel alsof we op een onbewoond eiland zitten hier!’ Inderdaad, ik had, als je bomen en planten niet meetelt, nog maar weinig levende wezens op de foto gezet, behalve indirect die  ene die op vakantie was. Dus bij deze: flamingo’s! Al tellen die niet als echte eilandbewoners, denk ik.

IMG_8310 IMG_8326

En dan tenslotte het bewijs: we zijn hier niet alleen. Er is hier, met ons,  sowieso dit leuke jongetje. En samen met zon, zee en strand heb je toch verder niets nodig?