#93 DOTS

IMG_3410

De kaart die je hierboven ziet, hangt bij mijn broer op z’n kamer. Een wereldkaart, waar hij, telkens als hij op een nieuwe plek is geweest, een stipje plakt. Een dotje. Sinds Mart en ik wat ouder zijn, reizen we best veel met onze familie. Nu is het perfecte moment om dat samen te doen. Iedereen van de familie geniet er heel erg van. De reizen die ik heb gemaakt, de dingen die ik heb gezien zal ik niet snel meer vergeten. Ik ben al op best wat plaatsen geweest – er staan heel wat dotjes op mijn kaart. Nu was Mart jarig gisteren. En nadat ik deze foto maakte, bedacht ik: op zijn levenskaartje staan ook al heel wat dotjes. Volwassen dotjes, die altijd heel ver weg leken. Dingen die we ooit zouden gaan doen, die ooit zouden gebeuren. ‘Ooit’ blijkt in sommige gevallen ‘nu’ te zijn geworden. Eerste rijles. Dot. Eindexamenjaar. Dot. Serieus moeten gaan nadenken over je studiekeuze, je eerste pak kopen, bijna je vader voorbij groeien. Dot, dot, dot. Natuurlijk is hij nog steeds dezelfde broer. De broer die me helpt spelletjes op mijn grafische rekenmachine te zetten. Die af en toe zonder klagen mijn geklaag aanhoort. Die naar me knipoogt als ik hem op school tegenkom, die me achterop zijn scooter meeneemt. En dat vind ik heel fijn. Lieve Mart, gefeliciteerd. En succes met stippen.

#92 THAT’S THE CASE

IMG_7341

Dit is niet één van mijn doodles, noch een poging tot het maken van een collage (met maar twee plaatjes). Nee, dit is een foto van mijn telefoonhoesje. Niet het beste hoesje ooit, als je kijkt naar het feit dat er al na twee weken een stukje afgebroken is. (Het dunne stukje plastic bij de lock/unlock knop. Dus misschien zegt dit eerder iets over mijn telefoongebruik dan over de kwaliteit van het hoesje…) Wel een prima hoesje, als je kijkt naar het feit dat dit de enige is in mijn hele ‘telefoon-en-bijbehorende-hoesjes-geschiedenis’ die er langer dan twee weken omheen zit. Langer dan twee maanden zelfs, inmiddels. En eigenlijk wel het beste hoesje ooit voor mensen die niet kunnen knipogen. (Ik voel me aangesproken. Door mezelf…) Wiebel een beetje met je telefoon en het rechteroog doet het voor je. Het werkt hetzelfde als van die geribbelde boekenleggers en ansichtkaarten: beweeg ze heen en weer en er gaat een vlinder fladderen of komt er een aap uit een mouw. Van sommige mensen heb ik gehoord dat ze mijn ogen erop vinden lijken. En dat is ook wel zo. Afgezien van de volle, krullende wimpers (die ik niet heb) de nineties wenkbrauwen (die ik, thank god, ook niet heb) de oogvorm… En het feit dat zij wél kan knipogen, en dan niet met twee ogen tegelijk.

#91 MELTDOWN

IMG_3400

‘Zo.’ Dat was wat ik dacht toen ik rond kwart voor zeven op de bank plofte. Een lange schooldag zat erop, het was weekend.  Een heerlijk bakje ijs op mijn schoot, tv’tje aan. Ik ging even niets meer… Shit. Het gevoel dat ik iets vergeten was bekroop me. Het was vrijdag. Kwart voor zeven. Dan had ik toch niets… Toch? !#$%@$%! Over een kwartier begon mijn dansles.

Door de jaren heen heb ik op heel wat clubjes en lessen gezeten. Hockey, tennis, tekenen, dansen, toneel, piano, zwemmen – genoeg naschoolse activiteiten, soms zelfs twee op één dag. Maar gek genoeg nog nooit op vrijdag. Na een jaar dansen op dinsdagavond ben ik overgeplaatst naar een andere groep. Vandaar dat het nog niet helemaal in mijn systeem zat, met pas één les op vrijdag achter de rug. Haasten zit wel in mijn systeem, en dat is wat ik deed. En ja, het was nodig. Een kwartier zou genoeg zijn om naar ongeveer elke plek in mijn eigen dorp te komen. Met de fiets. Helaas is mijn dansles een paar dorpen verderop, zo’n twintig minuten rijden. Met de auto. Dus: joggingbroek aan, dansschoenen en go! Papa stond gelukkig stand by en racete me erheen, ondertussen stuurde ik een sms’je aan mijn lerares. Achteraf bleek dat helemaal niet nodig. Om twee over zeven precies stond ik in de zaal, wel met een redelijk rood hoofd. De warming up had ik al gehad, laten we maar zeggen.

In de auto terug daalde een lekker soort moeheid over me neer. Dat heb ik altijd wanneer ik gedanst heb, me een uur lang op niets anders heb gefocust. Heerlijk vind ik dat, daar wil ik me best even voor haasten. We maakten nog een korte stop voor de foto van de dag. Rond half negen zette ik de avond gewoon voort waar ik was gebleven: op de bank. Mijn ijs was gebleven waar het was, zij het in een iets andere consistentie: helemaal gesmolten.

#90 OFF SICK

IMG_7483

Gisteren werd ik wakker met het gevoel alsof er een tennisbal in mijn keel zat. Vandaag klonk mijn stem ook daadwerkelijk zo en leek mijn hoofd – pardon my French – vol snot te zitten. Niet zo leuk, wanneer je net in een nieuwe klas zit waarvan je de helft van de mensen nog niet kent. En zij mij dus ook niet – ik ben bang dat ik nog een wel even bekend zal staan als ‘dat meisje met dat rare niesje’ (die klinkt als een hoest en altijd zo’n tien keer achter elkaar klinkt) of ‘die ene met dat wc-papier in haar tas’. (Ik moest toch iets, mijn zakdoekjes waren op.) Sommige mensen kunnen hier prima mee omgaan. Die slikken een pilletje of negeren het simpelweg. Gisteren en vanochtend heb ik dat geprobeerd. Gewoon doorlachen, doorleren, doorleven. Dropje, Strepsil en niet zeuren. Maar mijn hoofd bleef maar bonken, ik voelde een raar soort misselijkheid. Voor de tigste keer zocht ik naar het wc-papier in mijn tas. Mijn bovenlip voelde aan als schuurpapier. Ik was er klaar mee. Noem me een watje, maar ik ging naar huis. (Ja, inderdaad, in mijn eerste officiële schoolweek, hoe krijg ik het voor elkaar.) Eenmaal thuis bleek een bed, een echte zakdoek en slaap al een hoop goed te maken. ’s Avonds belde oma, met onder andere de mededeling dat mijn neefje zijn arm gekneusd had en mijn nichtje haar duim gebroken. ‘Ja, Milou is een beetje verkouden.’ Dat relativeert de boel – morgen weer naar school.

#88 BLUE JEANS

IMG_3358

De spijkerbroek is zo’n ding waar ik een haat-liefde verhouding mee heb. Om positief te beginnen: ze zitten natuurlijk heerlijk. Ik snap, mannelijke lezers, dat jullie je daar misschien niets bij voor kunnen stellen. Zo’n skinny jeans ziet er ook niet comfortabel uit, dat ben ik met jullie eens. Maar het tegendeel is waar, want zal ik eens een geheimpje verklappen? Die dingen stretchen als een malle. Sterker nog: sommigen hebben niet eens een gulp – het zijn gewoon vermomde leggings. Daar zou je tien kilometer in kunnen hardlopen, mocht je dat graag willen. Kleine sidenote: het kan even duren voordat je die perfecte goedzittende spijkerbroek hebt gevonden. Maar dat verhaal zal ik bewaren voor een andere keer. Ik houd ook van de spijkerbroek wanneer ik iets mors. Niet vanwege de vlek die dan achterblijft (want vlekken zijn irritant en ik denk dat ik niet de enige ben die dat vindt), maar omdat het niet zo veel uitmaakt – je zegt gewoon dat het erbij hoort. Zelfde geld voor gaten. (Al moet je wel een beetje strategisch knoeien. Ik had eens gele verfvlekken op een lichtblauwe spijkerbroek, nou, niemand ging geloven dat dat erbij hoorde. Het zag eruit alsof ik een kuipje McDonalds mayonaise op mijn schoot had laten vallen.) De haat-zijde, ik zal het kort houden: blauwe vlekken op je benen omdat de stof afgeeft. De hele dag met een natte broek rondlopen wanneer het geregend heeft terwijl je naar school fietste. Ten slotte: iedereen loopt ermee. Het lijkt wel het tenue van ‘de middelbare scholier’: t-shirt, gympen… En een spijkerbroek. Dat vind je misschien niet per se een nadeel. Maar wanneer ik eens denk: ‘Hé, laat ik vandaag een spijkerbroek aandoen!’ en ik merk dat de rest van de school die ochtend precies hetzelfde dacht… Dan voel ik me wel een beetje saai. Aan de andere kant: wanneer ik eens niet mijn setje voor de volgende dag heb klaargelegd (want living on the edge of gewoon te lui), en ik weet het echt niet ’s ochtends, dan pak ik gewoon een spijkerbroek. En dan zit het meestal wel goed – letterlijk en figuurlijk.

#87 BACK TO NORMAL

IMG_7472

Appels op dag zevenentachtig, dat zie je goed. Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar mijn eetpatroon tijdens vakanties ten opzichte van… nou ja, niet-vakanties, verschilt nogal. Bij gezellige momenten komt nou eenmaal vaak lekker eten kijken. En in de vakantie zijn er nou eenmaal veel gezellige momenten. Soms duren ze een paar uur (feestjes), soms een dag (een keertje Efteling, Amsterdam, Antwerpen). Soms dagen achtereen (zeilkamp, werkweek, Amerika). En dan eet je vaak friet. Of pizza. En snoep en chips en…. Dat is helemaal niet erg. Maar op een bepaald moment ben ik er wel weer klaar mee. Dan mis ik mijn fruitjes. En sowieso: nu het gewone leven is begonnen, kan dat met het gewone eten ook wel weer gebeuren. Wat mijn foto’s betreft: daar mag ook wel wat verandering in komen. De bloemen hier in huis heb ik wel zo’n beetje gehad en met die appels kan ik ook niet te lang doorgaan, want gebutst (door het vele verplaatsen) zijn ze niet lekker meer. (En bovendien, binnen een paar dagen zijn ze op.) Maar op school zijn er nou eenmaal niet veel interessante foto-onderwerpen te vinden. Laat staan veel tijd om daadwerkelijk foto’s te maken. (Ik zie het voor me. Midden in de les: ‘Mevrouw, zou u even opzij kunnen gaan, u staat nog net binnen mijn kader.’) Maar ik blijf die foto’s maken, interessant of niet. Want hoewel de summervakantie weer voorbij is, zijn er nog 13 Days of Summer te gaan.