
De vakantie is zo dichtbij, maar zo voelt het voor mij nog niet echt. Ik denk dat het door het weer komt dat zo lang slecht is geweest. Meestal volgt de zomervakantie na twee ontzettend lange maanden. Twee maanden waarin je op een snikheet zadel van school naar huis fietst. Waarin de zon altijd lijkt te schijnen, en al helemaal wanneer jij net binnen aan het leren bent. Waarin iedereen in de pauze ijsjes gaat halen en er ventilatoren mee naar school genomen worden. Die twee maanden waren nu grijs en grauw, waardoor ik nog niet het gevoel heb dat de vakantie voor de deur staat. Officieel gezien duurt het ook nog twee weken. Onofficieel gezien… niet. In de praktijk worden die veertien dagen opgevuld met pretparken, etentjes, shopdagjes en feestjes. Tussendoor fiets ik nog twee keer naar school, om boeken in te leveren en mijn rapport op te halen. Nu heb ik nog vier testen te gaan. Dat betekent twee lesdagen, en dan is het voor mij vakantie. Maar nu nog even niet. Ik ben overigens erg goed in het doen alsof het al wél zover is. Wanneer ik vroeg op de middag begin met leren, spreid ik om een uurtje of vier zonder schuldgevoel mijn handdoekje op het gras. Bikini aan, oortjes in en genieten maar.
Maand: juni 2013
#16 BLOB
Na een gezellig avondje uiteten wist ik gewoon dat wanneer ik thuis zou komen, ik niet veel meer zou gaan doen. Het was dus van belang een foto te maken, voordat ik op de bank in zou kakken (wat as we speak gebeurd is, trouwens). In de stad zijn gelukkig genoeg interessante dingen te zien – vandaag werd geen bloemendag. Op de foto zie je een combinatie van het Philipsgebouw en de Blob. Bij dat laatste zal ik even een korte uitleg geven, voor iedereen die niet uit Eindhoven en omstreken komt. De Blob is een vrij nieuw, modern gebouw, gemaakt van glazen en witte kunststof driehoeken. De vorm is… lastig te omschrijven. Een in elkaar gezakte pudding, kipfilet, slak zonder huisje. Soms deukt hij in, op een andere plek dijt hij weer uit. Door deze omschrijving klinkt het misschien als een heel lelijk gebouw. Of dat zo is… laat ik maar in het midden. Oordeel zelf, zou ik zeggen, Google is your friend. Al weet ik niet of je het makkelijk zal vinden – heet dat gebouw eigenlijk wel écht zo? In de volksmond in ieder geval wel – vraag een willekeurige Eindhovenaar naar ‘De Blob’ en hij wijst je zo de weg. Behalve als je mij aanspreekt natuurlijk. Ik ben allang blij als ik zelf weet waar ik ben.
#15 COMPANY
Niet schrikken hoor, deze foto is niet op ware grootte. Ik zat vanmiddag in de tuin, met mijn economieboek als enige gezelschap. We hebben niet zo’n warme band, helaas, dus erg gezellig was het niet. Een vlieg, die al een paar minuten in mijn omgeving rondcirkelde, voelde duidelijk wél een connectie. En dan voornamelijk met de rechterpagina. Met tussenpauzen van zo’n halve minuut landde het beestje steeds weer midden op de paragraaf over inflatie. Ik besloot hem op de foto te zetten. (Ofwel: mijn concentratie was zó ver te zoeken, dat zelfs een ordinaire vlieg plotseling erg interessant was.) Dat het een behoorlijk creepy beest was (wat zeg ik, een monster!), zag ik pas toen ik de afbeelding zo’n tien keer uitvergrootte. De vlieg in kwestie was gelukkig allang verdwenen. Van mijn economieboek kan ik dat helaas niet zeggen.
#14 PINK POUCH
#13 AND THEN THIS HAPPENS
‘Waterstress. Tekort aan schoon drink- en irrigatiewater en…’ Een buzz doorbreekt de stilte. Nee. We gaan door. ‘Integraal waterbeheer. Dit houdt in dat landen afspraken maken over… ‘Buzz. Buzz.’ Ik werp een blik opzij: een oplichtend scherm. Een tweet, app, facebookbericht, snapp, e-mail, sms, telefoongesprek. (Alhoewel… Hoe vaak overkomt jou dat laatste nog? Precies, ja.) De verleiding is groot. ‘Buzz.’ De druppel. Slide, unlock. Even kijken.
Een halfuur later. Oh ja. Nog even leren.
#12 EXAGGERATING
Proefwerkweken, ze maken me gek. Wanneer ik vandaag thuis kwam, was ik helemaal op na een leuke maar lange dag. Ik wist dat ik iets moet doen, maar ik was moe en deed het niet. Ik besloot zelfs helemáál niets meer te doen. Klinkt heerlijk en relaxed. Echter, mijn probleem is dat ik er niet van kan genieten. In plaats van dat ik tevreden achterover leun, ga ik me extreem lamlendig en irritant gedragen. ‘Geen zin in’ is ongeveer mijn antwoord op alles. ‘Ik weet niet wat het is hoor,’ zei ik tegen mama nadat ik een tijdschrift dichtsloeg. ‘maar ik heb gewoon nergens zin in.’ Ze had me al een half uur zien zuchten op de bank en wierp een blik op de kamer. Daarin verspreid lagen hoopjes met mijn spullen, van uitgetrokken jassen en schoenen tot schooltassen en pianomappen. ‘Ja, die indruk kreeg ik al.’ Ik begon te lachen. ‘Ga je nog wel een foto maken vandaag?’ zei ze. Ik lachte nog harder omdat ik wist dat ze het antwoord wel kon raden. (Jij niet? Hier is ‘ie: ‘geen zin in’.) Aan de andere kant was het redelijk triest natuurlijk, dat ik zo enorm down was zonder een échte reden ervoor te hebben. Dit besef resulteerde erin dat ik aan het lachen en huilen tegelijk was. Tijd voor een moodchange. Ik ging een stuk fietsen en maakte natuurlijk wel een foto. Ik vond ‘m best toepasselijk, doch een beetje overdreven. Maar dat paste dan ook wel weer bij deze gemoedstoestand.
#11 FANCY PENCIL
#10 HEY
# 9 ORDINARY SUNDAY
Vandaag was echt zo’n typische zondag. Wat ik daaronder versta? Rond negen uur wakker worden, tien uur mijn bed uit komen, tafel dekken en met z’n vieren ontbijten. Vervolgens er ruim een uur over doen om me klaar te maken om te beginnen met de dag. (Heerlijk vind ik dat.) En dan studeren. De boeken openslaan, iets te vaak uit het raam kijken en een kwartier lang wegdromen boven een blaadje met daarop ‘Aardrijkskunde H4: Water’. Heel keurig geschreven, want ze zeggen dat een goed begin het halve werk is. Was het maar echt zo. Op een bepaald moment gaan lunchen in de zon, een lekker uurtje achter de piano en dan weer verder. Rond een uur of vier zette ik de laatste punt – ik vond het weer mooi geweest. Even bloggen, en daarna uit eten. Fijn als we dat doen op zo’n dag, dan kom ik toch nog even ‘buiten’, als je snapt wat ik bedoel. In het dorp nog een ijsje, daarna midden op de weg gaan zitten om een foto te maken van een bloem in de middenberm. Heel dapper zijn en nog een stuk gaan hardlopen en ten slotte de dag eindigen in mijn pyjama op de bank, met Harry Potter op tv. Een hele gewone zondag. Maar dat is ook wel eens fijn.
#8 GROOTS
Groots, dat was het eerste wat ik zag toen ik het stadion betrad. Gigantische letters vormden het décor voor een derde concert van Guus Meeuwis. De sfeer was mij dus al bekend: hordes uitgelaten mensen. En bier, héél veel bier. Voor ons ontstond wat commotie omdat mensen het over zich heen kregen. Tsja, als je daar niet tegen kan moet je eigenlijk niet naar zo’n stadionconcert gaan. Ik keek naar het veld en lachte om de variatie aan spullen waarmee mensen zichzelf bedekten tegen het vallende bier: van poncho’s in allerlei kleuren tot plastic zakken en zelfs winterjassen. Iedereen was vrolijk en zong luidkeels mee. Ook ik stond echt te genieten. ‘En straks komt Racoon,’ sprak papa naast me, alsof het niets was.’Wat?!’ Echt?! Hoe weet je dat?’ Ik ben groot fan van hun muziek, ‘Racoon Live’ staat dan ook al behoorlijk lang op mijn bucketlist. En nu zou ik het mee gaan maken, zonder het van tevoren te weten. Het volgende halfuur was ik behoorlijk opgewonden. En daar waren ze dan. ‘We hebben één Nederlands nummer,’ sprak leadsinger Bart. ‘Jaaaaaa!’ riep ik. Mijn favoriete nummer werd ingezet: Oceaan. Ik keek om me heen. De sfeer was bijna magisch. Het stadion werd gevuld met het geluid van één enkele gitaar en het gezang van duizenden mensen. Het schemerde, velen ontstaken hun aanstekers of gebruikten het flitslicht van hun mobiel. Een zacht briesje blies in mijn gezicht, het kippenvel stond op mijn blote benen. Het was zó mooi. En ik zal bekennen: ik heb gehuild. (Maar sssht, niet doorvertellen, want niemand heeft het gezien.)








