DIT WAS MIJN WEEK (EN EEN BEETJE MEER)

Processed with VSCOcam with b1 preset

Dit was mijn week (en een beetje meer). Want ‘Dit was mijn week en vier dagen’ klinkt nou eenmaal minder leuk.

Hierboven zie je dat ik duidelijk niet de enige ben die van gestreepte shirtjes houdt. Dinsdag tijdens het eerste uur bleek al dat we met vier mensen eenzelfde soort t-shirt aanhadden. In de pauze zagen we dat de streepjesclub die dag zeven mensen telde. Alsof we het zo afgesproken hadden. (On tuesdays, we wear stripes.) Dat moest natuurlijk even vastgelegd worden. (Wegens vermoeide we-zijn-aan-vakantie-toe-hoofdjes, was besloten die er maar niet op te zetten.)

Processed with VSCOcam with f2 preset

Vrijdag vond de presentatie van mijn film plaats, in de collegezaal op school. Het is allemaal goed verlopen: er heerste een fijne sfeer en de film werd goed ontvangen. Inmiddels is ‘Wie we zijn’ 1000 keer bekeken. In YouTube-Land is dat misschien helemaal niet veel, maar voor mij is dat een behoorlijke mijlpaal. Wat ik vooral heel bijzonder vond om te merken, was wat het allemaal teweeg heeft gebracht. De hoeveelheid reacties die ik heb ontvangen was best overweldigend: via Facebook, Whatsapp, Instagram – het hield maar niet op. De meesten waren enthousiast, anderen zelfs geëmotioneerd. Dat had ik van tevoren nooit kunnen bedenken, dat iets van mijn hand dat kon veroorzaken.

Voor de nieuwsgierigen: de beoordeling (want oh ja, het was ook nog een profielwerkstuk) krijg ik donderdag. I’ll keep you posted!

Processed with VSCOcam with f2 preset

Zowel op maandag als op vrijdag zat ik weer achter het stuur. Inmiddels heb ik genoeg uurtjes in de Opel gemaakt om te kunnen zeggen dat ik bijna op examen mag. Spannend!

IMG_2712

Donderdag had ik de laatste lesdag van het schooljaar, want op vrijdag zou de testweek officieel beginnen. De invulling van de laatste lessen was heel afwisselend. Bij het ene vak was één klacht over de hitte al genoeg om de rest van het uur slechts een beetje te keten. Bij filosofie sloten we op donderdag het jaar af met taart. Andere docenten zetten ons juist zonder pardon aan het werk met een oud eindexamen. Soms was het ook wel nodig, omdat er nou eenmaal nog veel moest gebeuren voor de naderende test.

Bij biologie bijvoorbeeld, bij uitstek een les waar veel lol getrapt wordt, was dat nu eens niet het geval. Het gehele uur werden er in rap tempo vragen gesteld en beantwoord. ‘Dit is denk ik de meest productieve les ooit,’ mompelde ik lachend tegen mijn buurvrouw, waarna ik meteen moest bukken voor een prop papier die naar mijn hoofd geworpen werd. Ik had niet gedacht dat de docent mijn opmerking ook zou horen.

Processed with VSCOcam with f2 preset

Die avond gingen we (net als de rest van Nederland) barbecuen. En dat zag er best feestelijk uit, vond ik zelf.

Processed with VSCOcam with kk2 preset

Ik maakte nog een foto van de mooie lucht.

Processed with VSCOcam with hb2 preset

En voor de rest waren mijn activiteiten vrij eenduidig: leren, leren, leren. Al probeerde ik tussendoor ook regelmatig wat zonnestraaltjes mee te pakken of ergens in een zwembad te springen.

Hierboven was ik bezig met mijn aller liefste lievelingsvak: wiskunde! Ik was zo mogelijk nog minder gemotiveerd dan anders om eraan te werken, aangezien het hoofdstuk waar we mee bezig waren geen examenstof was. Dat betekent dus dat ik er nu een toets over moest maken, om er vervolgens nooit meer iets mee doen. Daarnaast was het ook gewoon een moeilijk hoofdstuk. En het was warm, natuurlijk. Maar die toevoeging kan je in principe achter elke zin in dit verhaal plakken.

Mijn eerste cijfer heb ik inmiddels binnen: een 9,8 voor filosofie! Het was geen moeilijke test, dat moet gezegd. Voor mijn overgang of voor mijn gemiddelde maakte dit cijfer niet zoveel uit, maar toch ben ik er blij mee. Alleen al omdat ik het vak heel leuk vind en er een kans bestaat dat ik er verder mee wil. Ik heb dit jaar wel een aantal tienen gehaald, maar dat was meestal een kwestie van domweg dingen uit mijn hoofd leren. Dan valt er aan een filosofietest meer eer te behalen, wat mij betreft.

Dus dat was mijn week (en een beetje meer). Op naar de volgende!

WAT ER GAANDE IS

Processed with VSCOcam with f2 preset

Veel en weinig tegelijk. Laat me dat uitleggen.

Op school ben ik in de gebruikelijke eindejaarshectiek beland: een handvol so’s, twee literaire werken van weet-ik-het-hoeveel bladzijden en een onderzoek naar een maatschappelijk probleem. Dan nog wiskunde (sowieso problematisch), een performance (?) voor CKV en een praktische opdracht voor scheikunde, waardoor het voor mij zo mogelijk nog duidelijker is geworden dat ik nooit nooit nooit op een lab wil gaan werken. Ten slotte is de testweek ditmaal uitgewaaierd over twee weken. Dat is zo gedaan om het voor ons leerlingen wat minder stressvol te maken allemaal. Of dit effect behaald gaat worden, moet ik nog zien.

Processed with VSCOcam with hb1 preset

CKV-performance: abstractie op hoog niveau. 

Processed with VSCOcam with x1 preset

Scheikunde: toverdrank brouwen op hoog niveau

De motivatie is soms ver te zoeken. Wanneer het warm is en de dagen lang zijn, is er nou eenmaal veel te doen dat geen ‘huiswerk’ heet. Er is elke week wel sprake van een festival of een (eindexamen)feest. Ook het uitgaansgebied wordt met enige regelmaat bezocht, nu ik niet meer hoef te vrezen dat mijn tenen eraf vriezen wanneer ik om vier uur ’s nachts naar huis fiets.

Kortom: vanaf de vrijdag zijn er festiviteiten alsof het al vakantie is. En dan komt de maandag hard aan. Vriendin Colette verwoordde het erg treffend: ‘We gaan naar school tussen de weekenden door.’

Er gebeurt een heleboel, dus. Maar soms voel ik me leeg, ondanks alle dingen die ik doe en waarover ik nadenk. Dat klinkt misschien dramatisch, maar het is voor mij de meest kloppende omschrijving. De drukte in mijn hoofd maakt dan dat ik me nergens meer echt op kan focussen. Gelukkig kan ik inmiddels zonder schuldgevoel het besluit nemen om dit dan ook maar niet te proberen. Niet koste wat het kost elke taak tot in de puntjes af willen ronden, maar gewoon een avond op de bank gaan zitten en vol overgave niets doen. Gaan sporten terwijl ik ook had kunnen leren. Of een heel weekend geen boek openslaan, omdat mijn schema vol zit met leuke dingen.

FullSizeRender

(Ja, dit is een quote uit Harry Potter. Kon het niet laten.)

Ik weet dat, hoe deze periode ook mag verlopen, het over drie weken helemaal klaar is. Dat er dan even helemaal niets is, behalve dingen die me energie geven. Het zijn ook die dingen die ervoor zorgen dat ik de afgelopen weken prima ben doorgekomen. Ja, het was druk en ja, ik was geregeld moe, maar ik kan zeggen dat het goed met mij gaat. Dat ik me goed voel en blij ben en er een hoop lichtpuntjes zijn die me door de drukte heen helpen. Dingen om naar uit te kijken: een dag naar Pinkpop, een zonnige vrijdag met twee lieve vriendinnen en natuurlijk een hoop blijdschap vanwege geslaagde eindexamenleerlingen. (En niet te vergeten: het bijbehorende gala.) Dit alles maakt me blij en motiveert me om te proberen steeds positief te blijven, niet te veel te piekeren en alles te nemen zoals het komt. Een jaar geleden kon ik dat nog niet op die manier, dus ook het feit dat dit me nu wel lukt, zorgt voor een goed gevoel.

Processed with VSCOcam with f2 preset

Processed with VSCOcam with g3 preset

Processed with VSCOcam with b1 preset

Nog een lichtpuntje in de nabije toekomst: de presentatie van mijn film. Ik kijk er erg naar uit, omdat ik eindelijk kan laten zien waar ik al die tijd mee bezig ben geweest. Anderzijds maakt het behoorlijk wat zenuwen in mij los. Dat lijkt misschien gek, aangezien ik op dat moment niets anders hoef te doen dan de afspeelknop indrukken – het eigenlijke werk is al gedaan. En toch ben ik nerveus. Het verbaast me niets, om eerlijk te zijn. Er komen mensen die belangrijk voor mij zijn en aan wiens mening ik veel waarde hecht. Ik sta achter hetgeen dat ik gemaakt heb en ben er zelf tevreden mee. Maar dat neemt niet weg dat ik heel benieuwd ben of de film overeen zal komen met het beeld dat die mensen ervan gevormd hebben, naar aanleiding van wat ik hen erover verteld heb.

De presentatie zal deze vrijdag, 26 juni, plaatsvinden. Er komen nog twee drukke weken en dan nog een soort van drukke week, die ik hopelijk in dezelfde goede modus ga beleven. Dus dan weten jullie weer wat er gaande is. Ten slotte, voor de strijders in de het-is-bijna-vakantie-strijd: hang in thereAnd stay positive.

NIETS OM AAN TE DENKEN

Collages3

Het was weer even stil hier – ik moest vorige week mijn stem ergens anders laten horen. Mijn eigen stem, andermans woorden.

Er is geen aandacht meer voor grote lijnen. Het betreft nu details, die onze regisseuse telkens opschrijft in een turquoise notitieboekje. Het was ooit slechts gevuld met horizontale strepen, nu staan er duizenden letters die samen ideeën en aandachtspunten vormen. We volgen de lijst: een verwarrende blik, een verkeerd geplaatste pas, een handgebaar dat meer aandacht trekt dan het zou moeten doen. Het zijn zaken die op zichzelf niemand zullen opvallen. Echter, samen maken ze een verschil.

We verkennen de ruimte en wennen aan het fellere licht. Het toneel verandert langzaam in een kleedkamer. Er staan wat tafels en stoelen die stiekem uit het biologielokaal komen. De spiegels die erop staan worden omringd door delen van scripts, toitjes, grimespullen en allerhande prullaria.

Door een verlaten school loop ik naar het laatste verlichte lokaal. Morgen zullen hier weer brugklassers razen. Nu sluit ik de ramen en doof ik het licht.

Toneel 20151

De avond van de première, mijn hoofd is leeg. Het is iets wat ik regelmatig wens – dat ik eens een moment nergens aan zou kunnen denken. Juist nu komt die wens uit. Soms herinner ik me een enkele zin of handeling, die in een flits voorbij komt. Het biedt me geen houvast, omdat ik ze niet kan combineren tot een lopend geheel, zoals ik dat straks wel hoop te kunnen. We eten (of eten niet). Ik probeer mijn rode wangen weg te poederen, maar tevergeefs. Ieder bereidt zich voor. Sommigen lezen hun teksten. Ik durf niet meer naar mijn script te kijken, bang voor alle woorden die ik ben vergeten.

We doen nog een concentratie-oefening, waardoor je er van iedereen achterkomt wat zijn lievelingsdier is en wat zijn vader voor werk doet. Het werkt, ik vind mijn rust.

En dan is het ieder voor zich, alleen met de stilte of drukte in zijn hoofd. We worden omringd door duisternis, afgebakend door de zwarte vierkante vloer. Een zachte gloed beschijnt ons van onderen. Het warme licht strijkt langs mijn koude armen, waarop haren recht overeind staan. Alles in mij staat op spanning. Nog drie minuten.

Een laatste woord. We moeten genieten, vooral alles loslaten en de vrijheid nemen elkaar te verassen. (De nodige grappen worden gemaakt: ‘Zullen we gewoon iets heel anders spelen. Of de hele rolverdeling omgooien.’) We roepen heel hard ‘HOER’ bij wijze van een yell, want dat bekt lekker. Dan is het tijd.

Toneel 2015

De deuren gaan open. Het publiek zoekt een plaats in de zaal, wij hebben de onze op het toneel al ingenomen. Beide avonden verwacht ik vrienden en familie. Ik zoek hen en zij zoeken mij. Onze ogen zullen elkaar onvermijdelijk kruisen. Zij lachen en ik lach terug, maar dat valt niet op. Ik lach de hele tijd al, net als mijn tegenspelers. Mijn lip begint te trillen –  achteraf heb ik vernomen dat daar niets van te zien was.

Het lukt me alles los te laten. Al doende vallen de stukjes op zijn plaats. Als vanzelf weet ik waar ik moet zijn en wat ik moet zeggen. Spelen maakt plaats voor zijn, ik sta midden in het verhaal. En dan is er dat gevoel. Dat gevoel dat ik al eerder ervoer maar waar ik op dit moment pas van kan genieten: er is niets om aan te denken. Nu is alles wat er is.

Processed with VSCOcam with f2 preset

(En ziehier de reden dat ik normaliter de foto’s maak en er zelf niet op sta.)

Wij, vrienden!

Wij zijn rijker dan de zeeën diep.

Wij hebben alles wat er is.

Wij hebben — luister goed! — elkaar!

– uit ‘De Jossen’, Tom Lanoye (2004)

#325 TERMS & TENSION

IMG_4474

‘Jullie behoren tot de slimste vijftien procent van het land. Jullie zullen straks topfuncties gaan bekleden en beslissingen nemen in dit land. Niet om de druk op te voeren, overigens.’

Vandaag was er voor VWO-5 een studievoorlichting georganiseerd. We werden ingelicht over hoe dit in zijn werk ging en op de hoogte gesteld van de nieuwe eisen die vanaf 2016 gelden. Er werd gestrooid met termen als decentrale selectie, constante overgangscijfers en portfolio’s. Naar mijn idee is zo’n voorlichting bedoeld om rust en duidelijkheid te scheppen. Dat is niet helemaal geslaagd, vrees ik. Gelukkig werd er ook wel om gelachen.

‘Dus je cijfers moeten constant zijn? Prima: elk jaar een 5,5.’

#300 NEW METHOD

IMG_4125

Terwijl ik nog steeds het gevoel heb dat de zomervakantie pas twee weken voorbij is, bevind ik me toch alweer op een kwart van het schooljaar. Dat schiet lekker op, zou je zeggen. En dat is ook zo. Maar het betekent ook dat de testweek met rasse schreden nadert. Sterker nog: over vier dagen is het al zover. Ondanks de vier jaar aan ervaring waar ik me inmiddels op kan beroepen, blijft het een enigszins hectische periode voor mij. Hoewel ik heb geleerd soms tevreden te zijn met een zeven of zelfs een zes, zijn de hogere cijfers nog steeds mijn streven. Dat betekent dat ik het snap, en dat vind ik een fijne gedachte.

Telkens neem ik me voor om tijdens de gewone schoolweken al wat te leren of samenvatten, maar daar komt het gewoon niet van. Er is namelijk altijd gewoon huiswerk, in te leveren projecten of mijn eigen leven dat ik op dat moment belangrijker vindt. En dan komt het dus aan op die laatste dagen. Het is niet zo dat ik dan van nul af aan moet beginnen – met een beetje opletten tijdens de les kan al een hoop bereikt worden, en zelfs in de vijfde klas ben ik nog vrij braaf in het maken van mijn huiswerk. (Meestal.) Maar het leren van de feiten en het snappen van alle onderliggende verbanden en logica, moet toch kort van tevoren nog gebeuren. And that kind of freaks me out sometimes.

Het is zo veel dat ik soms het overzicht kwijtraak. Dan liggen de boeken voor het ene vak voor me, maar ben ik met mijn gedachten alleen maar bij alle andere dingen die ik nog moet doen, leren, snappen en kunnen. Overbodig te zeggen dat dit niet erg bevorderlijk is voor de concentratie. En zo ben ik dus een hele dag kwijt aan studeren, met achteraf toch het gevoel dat ik niet genoeg gedaan heb. Waar de meeste middelbare scholieren tot in den treure moeten worden aangespoord eindelijk eens te beginnen met leren, wordt tegen mij gezegd dat ik ermee moet stoppen voor die dag.

Aangezien ik bezig ben meer rust en vrolijkheid in mijn leven te krijgen, moest ook mijn studiemethode op de schop. Ik kreeg de tip lijstjes te maken met wat ik moest doen, plus de tijd die ik ermee bezig zou zijn. Precies, net als in de brugklas. En dan de timer zetten zodat ik me er ook echt aan zou houden. Na een tijdje experimenteren met wat het beste werkte voor mij, ben ik uitgekomen op blokjes van veertig minuten. Daarin doe ik dan één vak. Zo kan ik veertig minuten studeren zonder afgeleid te raken – daar is tenslotte geen tijd voor. Ook als het niet lukt (en ik normaal de neiging zou hebben iets even heel hard door de kamer te gooien), kan ik daar nu beter mee omgaan. Ik mag mezelf veertig minuten kapot ergeren omdat ik het niet snap, maar dan is het klaar. Streep erdoor, volgende vak! Heel bevredigend is dat. Nu nog hopen dat mijn cijfers dat ook zullen zijn.

#279 WHAT I WANT

IMG_3742

Laatst vertelde ik al dat ik bezig ben met een project. Ik ben er heel enthousiast over, en het zorgt ervoor dat er één vraag is die steeds in mijn hoofd aanwezig is: welke studie wakkert dat enthousiasme in mij aan? Ik heb nog anderhalf jaar om erachter te komen. Aangezien de grootste clichés vaak toch waar zijn, zal de tijd voorbij vliegen. En dan moet ik kiezen.

Industrial Design

Al eerder schreef ik over de studie Industrial Design. Er was nog niets besloten, maar het leek me een goede optie. Ik kon mijn creatieve ei kwijt, het had te maken met mensen en ook nog met techniek. Dan zou ik iets doen met alle bèta-kennis die ik in de bovenbouw had opgedaan. Want zoals je misschien weet, koos ik zo’n anderhalf jaar geleden voor een vakkenpaket met biologie, scheikunde, natuurkunde en wiskunde B. Dat leek me een verstandige keuze, aangezien ik met dat profiel me voor alle studies kon aanmelden.

Wanna-be-bèta

Spijt heb ik er niet van. Ik haal prima cijfers (ook omdat ik mezelf er inmiddels van overtuigd heb dat een zeven daadwerkelijk een prima cijfer ís. En zelfs een zes mag af en toe. Ja, dat is een overwinning voor mij). Vakken als aardrijkskunde en geschiedenis mis ik niet. Wel had ik het mezelf makkelijker gemaakt door daarvoor te kiezen, denk ik. Ik ben gewoon een talig persoon, en wist me altijd goed door die testen heen te kletsen. Wanneer ik moet gaan rekenen, willen de getalletjes echter nog wel eens gaan duizelen voor mijn ogen. ‘Waar ben ik nou eigenlijk mee bezig,’ vroeg ik me in de eerste weken steeds af, wanneer ik de molariteit van een oplossing of de zwaartekracht evenwijdig aan de helling berekende. Ik moest er behoorlijk wat moeite voor doen, en dat was ik niet gewend. Met alle gevolgen van dien. (Die mag je zelf invullen.) Nee, mijn favoriete vakken zijn het niet. Het is soms zo abstract dat ik het nut er niet meer van in kan zien. Pas wanneer mij duidelijk wordt wat die reacties in de praktijk veroorzaken, begin ik het interessant te vinden. Maar daar scoor je geen punten mee op je test.

Omdat het kan

En dan kom ik weer terug bij Industrial Design. Het creatieve aspect vind ik enorm leuk. En ik weet ook wel dat ik het kan, dingen maken. Dat doe ik elke dag. Maar wanneer het gaat om producten, wordt het een heel ander verhaal. Die moeten namelijk ook een functie hebben, afgezien van ‘gewoon mooi zijn’ of ‘een verhaal vertellen’. Het moet werken, het moet iets doen. En daar komen natuurkunde en wiskunde om de hoek kijken. Want dat moet je dan snappen. Het écht snappen, en echt kunnen. En het vooral echt interessant vinden, want anders worden het drie lange jaren. Ik zou toch wel gek zijn om daar dan voor te kiezen. Alleen omdat het kan.

Nachtelijk advies

Maar ergens vind ik het zonde. Om eindexamen te doen in die vakken en ze vervolgens verwaarlozen. Met verschillende mensen heb ik het hier al over gehad, en één van hen kwam met een advies dat me aan het denken zette. Het was tijdens de werkweek, een uur of twee ’s nachts. Alle bruggers lagen in bed en de meeste docenten ook. Ik zat nog beneden, met een paar mini’s en twee leraren. We praatten over studies, wat we dachten te gaan kiezen. Ik vertelde over mijn plannen, mijn twijfels en het feit dat ik het zonde zou vinden om niets met die bètavakken te doen. ‘Waarom zou het zonde zijn?’ zei één van de docenten. ‘Die kennis heb je toch? Wat houdt je dan tegen om een totaal andere richting in te gaan?’ Kortom: waarom zou ik niet gaan doen wat ik écht wilde?

Wat ik wil

Een goede vraag, waarop ik verschillende antwoorden kan geven. Het eerste: omdat ik nog niet weet wat ik echt wil. Iets wat me gelukkig maakt, dat heb ik al wel besloten. Anderen kiezen misschien voor een studie waarmee ze grootse dingen kunnen bereiken of veel geld kunnen verdienen. Mij lijkt het geweldig om elke dag datgene te kunnen doen waar ik plezier uit haal. Ook omdat ik op die manier het meeste kan betekenen voor de mensen om mij heen. Met welke studie ik dat kan bereiken, weet ik nog niet. Maar als ik in grote lijnen denk en puur kijk naar waar ik blij van word, weet ik het heel goed: ik wil iets creatiefs. Ik wil verhalen vertellen. Ik wil de wereld om me heen vastleggen doormiddel van tekst, film en fotografie. Of juist hele nieuwe wereldjes creëren, op een manier zoals niemand ze ooit gezien heeft. Zodat mensen gaan nadenken, zich verwonderen of dat ze simpelweg blij worden van hetgene wat ze zien. Zonder wiskunde of biologie. Om uit te vinden wat voor studie daarbij hoort, zal ik moeten gaan kijken, meelopen en dan beslissen wat mij het beste lijkt. Lekker op mijn buikgevoel kiezen, zonder rationele afwegingen.

Wat me tegenhoudt

Zo klinkt het heel eenvoudig, waardoor ik me afvraag waarom ik me eigenlijk nog druk zou maken. Als ik heel eerlijk ben weet ik dat wel. Er is namelijk nog iets dat me tegenhoudt om te doen wat ik echt wil. En dat is onzekerheid. De vraag of wat ik doe wel goed genoeg is. Over anderhalf jaar om toegelaten te worden, later om daadwerkelijk elke dag dat te kunnen doen waar ik zo blij van word.

Er is datgene wat ik kan en datgene wat ik wil. Het voelt alsof ik daartussen moet kiezen. Maar dan is er één ding dat vergeten wordt. Namelijk dat ik een keuze mág maken. Dat ik de luxe heb om te kunnen kiezen voor datgene wat mij het beste lijkt. Dat ik momenteel nog niet weet wat dat is, moet ik dan misschien maar voor lief nemen.

En om nog even de link te leggen met de foto van vandaag: het duurde een half uur om hem te maken. Dus ook dat hield me bezig.