WHEN IN ROME

9R7A3676

‘When in Rome, do as the Romans do,’ wordt er altijd gezegd. Maar na drie dagen in deze stad vraag ik me af of dat gezegde wel klopt. Terwijl ik mezelf verplaats van schaduw naar schaduw – want de straat is lava – begin ik bijna te denken dat de Chinezen, die een paraplu als parasol gebruiken, het nog het beste bekeken hebben.

Het is dus warm in Rome, en niet zo’n beetje ook. Dan heb ik dat vast maar even gezegd. Tussen de activiteiten en bezienswaardigheden door is het regelmatig nodig hier maatregelen tegen te treffen, in de vorm van water, airconditioning of zonnebrand – niet zelden alle drie tegelijk.

9R7A3723

Tot zover de hitte, want Rome is veel meer dan dat. Boven alles is het één groot openluchtmuseum. Aan vrijwel ieder gebouw lijkt een geschiedenis gebonden, slechts van enkele wordt hij regelmatig verteld. De Latijnse woorden op de gevels zeggen me niet genoeg om erachter te komen wat zich ooit achter de verweerde muren heeft afgespeeld.

9R7A3705

Niet alleen de tand des tijds veroorzaakt verweerde muren – ook de hordes toeristen laten hun sporen achter. Het zijn voornamelijk Chinezen, die met busladingen tegelijk de highlights van de stad bezoeken. En nog belangrijker: vastleggen. Met een paraplu boven het hoofd en een selfiestick in de aanslag filmen zij zichzelf bij het Pantheon, zichzelf bij het Colosseum, zichzelf bij de Spaanse trappen. Om eenmaal thuis te bekijken waar ze allemaal geweest zijn.

9R7A3751

We bezoeken het Vaticaan, waar op het plein honderden zwarte stoeltjes staan te gloeien onder de felle middagzon. De paus is er niet, maar dat lijkt niemand iets te deren; de wachtrij cirkelt om de buitenmuren heen. Binnen zien we beelden, fresco’s en mozaïeken. Het meest onder de indruk ben ik van de gang waar landkaarten tientallen meters van de muren bedekken. Samen vormen ze één grote kaart van Italië, met daarop ieder dorp en iedere berg tot in detail geschilderd.

9R7A37619R7A3771

’s Avonds lopen we langs de Tiber, waar deze weken een filmfestival plaatsvindt. We eten met het geluid van ruisend water achter ons, terwijl de lucht langzaam roze kleurt. Op de weg terug passeren we een brug, waar de rivier onderdoor stroomt. Op een eiland middenin het water zijn tientallen witte klapstoelen neergezet, voor een Italiaanse film onder de sterren.

9R7A37699R7A3669

Er is ook nog het heerlijke Italiaanse eten, de mooie winkels. De straten vol gladde kasseien, die geen goede combinatie vormen met mijn sandaaltjes zonder profiel. En het genot van in bed gaan liggen na een lange dag.

9R7A3710

Oh, en ook hier nemen ze het niet zo nauw met de verkeersregels.

ONDERWEG / UNTERWEGS / VIAGGIANTE

9R7A3616

Het huis is schoon, de achterbak zit vol. Echt helemaal vol. De vraag hoe we dat allemaal weer mee terug gaan krijgen, schiet door mijn hoofd. (Want dat is algemeen bekend, volgens mij: op de terugweg heb je – soms op onverklaarbare wijze –  meer spullen.) Ik duw de gedachte weg met mijn favoriete vakantiemotto: dat zien we dan wel weer.

En dan gaan we. Direct bekruipt me het gevoel dat ik iets heel belangrijks vergeten ben. Na een half uur, rijdend over de snelweg,  heeft dat gevoel plaatsgemaakt voor het besef dat de mensen en dingen die de komende twee weken belangrijk voor me zijn, zich binnen één meter afstand van me bevinden. Onze auto als mijn persoonlijke, bewegende wereldje tijdens deze reis.

9R7A3627

Een eerste stop. De geur van benzine op de vroege morgen veroorzaakt zowel een lichte misselijkheid als een onvermijdelijk vakantiegevoel.

9R7A3640

Voor mij is er steeds wel muziek. Eerst Radio 2, zolang het bereik dat toelaat. Wanneer we overgaan op een Duitse zender plug ik mijn oortjes in en luister ik van alles, van De Jeugd tot John Mayer.

9R7A3639

Langzaam vormen zich hoopjes, bestaand uit kleding, dekentjes, kleding functionerend als dekentjes, boeken en geopende snoep- en chipsverpakkingen. Het is een gezellig rommeltje; de achterbank is veranderd in een mobiele woonkamer.

9R7A3648

We overnachten in een idyllisch Zwitsers bergdorpje, in een hotel waar het afwisselend ruikt naar een sterke luchtverfrisser en kaasfondue. We zijn zo’n zeshonderd kilometer van ons land vandaan, maar er staan enkel auto’s met een Nederlands kenteken geparkeerd. ’s Avonds doen we een poging een film te kijken, maar tevergeefs; nog voor we halverwege zijn, ben ik in slaap gevallen. Moe van een hele dag nietsdoen.

9R7A3656

De volgende ochtend zetten we de reis tijdig voort, in de hoop de drukte voor te zijn. Na nog een paar uur door de bergen geslingerd te hebben, passeren we de grens. Op de autostrade kunnen we in de file aanschuiven. De temperatuur loopt op, onze snelheid maar met vlagen. Vooral in de breedte verplaatsen we ons – en we zijn niet de enigen. Een file in Italië is als een potje sneldammen, waarbij de stukken in hoog tempo over het bord worden verplaatst. De Italianen zelf schrikken niet terug voor wat risico – ze lijken hun keuzes bij het wisselen van rijbaan te baseren op niets anders dan impulsen. Zien ze een gaatje, dan werpen ze hun auto erin – hoe klein dat gat ook is, hoe hoog de snelheid ook ligt.

9R7A3630

Hoewel er navigatie is, volgt mam met haar vinger de route op een kaart. In een poging wat files te ontwijken, rijden we door verschillende ingeslapen Italiaanse dorpjes. De navigatie lijkt er de weg nog niet te kennen, de informatie die de kaart biedt is ontoereikend. Af en toe eindigen we op een punt waar omkeren de enige optie is, willen we niet in een maisveld belanden. Toch bereiken we telkens weer de autostrade, en uiteindelijk onze bestemming. Zo wordt na twee dagen reizen maar weer eens bevestigd dat er meerdere wegen zijn die naar Rome leiden.