vandaag kocht ik een muts

fullsizeoutput_57

Vandaag kocht ik een muts.

Ik fietste naar het station en de ijzige wind leek zich volledig op mijn voorhoofd te concentreren. De kou legde zowel mijn brein als mijn fronsspieren lam.* ‘Kou is een emotie,’ aldus een vriendin van me, en emoties kunnen uitgeschakeld worden. Nu werkt dat voor mij eerder andersom en schakelen de emoties mij soms uit. Zo geldt dat ook voor de kou.

Mijn gevoelens stop ik niet meer weg, maar wat betreft de winter hanteer ik één remedie: ontkenning. Doen alsof het niet vriest en hopen dat ik het vervolgens daadwerkelijk niet zal voelen. Mijn benen kleuren rood onder mijn panty’s, de wind giert door mijn jas-die-maar-met-een-knoop-dicht-kan en als de zon schijnt is het tijd voor een lentejack. Niet dat het werkt, behalve bij het oplopen van een verkoudheid, maar ik moet iets. Zeker aangezien ik nog ingesteld ben op het zevenentwintig-graden-met-een-briesje-klimaat van Curaçao, waar het aantrekken van een broek al onnatuurlijk voel, laat staan het opzetten van een muts. Binnen een dag ging ik van een bikini als volwaardige outfit naar de behoefte om mijn dekbed mee naar buiten te nemen.

Daar tussenin zat een vliegreis. Ik weet dat ik niet mag klagen omdat ik zojuist een hele fijne vakantie heb gehad en dat het hartstikke fijn is dat het ding me in luttele uren naar de andere kant van de wereld brengt, maar afgezien daarvan: doffe ellende. Met als hoogtepunt de familie die naast me in het gangpad een conferentie besluit te houden over een blik pinda’s dat iemand al dan niet meegenomen zou hebben, terwijl de jongste van het gezin constant ‘Papa. Pap. Pap. Papa!’ roept, als de geëmancipeerde versie van Family Guy. Vraag me niet waarom, ik was niet uitgenodigd. Desondanks kon ik het prima verstaan. Ondertussen voelde ik hoe mijn zorgvuldig opgebouwde vakantiekleurtje door de airco van mijn gezicht af geblazen werd. Gelukkig werd ik vanochtend wakker in een besneeuwd Nederland. Wat betreft het ontkennen van de kou hielp dit niet mee, maar mijn gezicht leek haast oranje te midden van al dat wit.

Totdat ik er dus een pas gekochte muts overheen trok. Er ging twijfel aan vooraf: zou ik doorzetten, mijn fiets parkeren, over de gracht naar de winkels glibberen, daardoor extra kou lijden maar wel eindigen met een muts voor de lange termijn? Of ging ik voor het snelle succes, haastig door naar het station waar er hopelijk een warme trein op me zou wachten, om de volgende dag mijn voorhoofd weer te voelen kraken als een ijsklontje? (Dit zijn de dilemma’s waar ik me zoal mee bezighoud.) Ik besloot te investeren in een stoffelijk pensioen, dat zich de rest van de winter zou terugbetalen in de vorm van warmte en – echt wel – geluk.

Vandaag kocht ik een muts.

*Is dit ooit onderzocht? Met je rimpels in een bak ijs gaan liggen lijkt mij een prima alternatief voor botox.

LOVE: BRAID AND BEANIE

Braid and Beanie1

Ik leen regelmatig spullen van mijn mama. Voornamelijk sjaals, maar ook hemdjes, t-shirts en schoenen. (Al heb ik daar vaak achteraf spijt van. Zij heeft namelijk 38,5 en ik 39,5… Dat voel ik wel aan mijn voeten, aan het einde van de dag.) Ik vraag het altijd netjes wanneer ik iets wil lenen en het mag ook bijna altijd. Soms blijkt dat mama beter niet had kunnen toestemmen, omdat er dingen  bij mij zo favoriet worden dat ze (bijna) in mijn kast in verdwijnen. Deze keer kon het ook niet anders. ‘Jij mag ‘m ook lenen hoor,’ zei ze toen ze in Arosa een nieuwe muts kocht. Ja, dan vraag je erom. En dat wist mama blijkbaar ook. Het was de maandagochtend na de vakantie, ik ging naar school. ‘Mam, mag ik die muts?’ riep ik door het trapgat. ‘Ik had ‘m al in je kast gelegd.’ klonk er terug. Ze kent me te goed. Bij de eerste keer dat ik de muts opzette was ik verkocht. Heerlijk zacht, warm maar niet té, niet kriebelig, niet te stijf. Een beanie hoort naar achteren te hangen, en dat doet hij. Het is de perfecte muts voor mij. En mocht het op een dag nou echt tegenzitten, je bent er helemaal klaar mee… Dan kan je ‘m altijd nog over je hoofd heen trekken.

Braid and Beanie2

Hij staat ook bij alles. Ik was laatst wat dingen aan het passen, en steeds dacht ik: ‘Oh, dat is leuk met die muts!’ Niet gek: eigenlijk is alles leuk met die muts. Alleen qua haarstijl heb ik een duidelijke voorkeur, namelijk een vlecht aan de zijkant van mijn hoofd. Misschien is het omdat ik het mooi vind staan, misschien omdat ik sinds kort eindelijk zelf een vlecht kan maken. Ik weet het, het is belachelijk dat ik dat als vijftienjarige nog niet kon. Ik deed wel eens een poging, maar dan werd het meer een soort rolletje in plaats van een vlecht. Van mijn achtste tot mijn twaalfde heb ik kort haar gehad, misschien ligt het daaraan? Nee, dat is onzin. Ik heb gewoon nooit zin gehad om er een kwartier op te oefenen om het te kunnen. Mama deed het altijd en dat was voor mij eigenlijk prima. Ik vind het wel lekker wanneer er iemand aan mijn haar frummelt. Maar wat nou als ik straks op mezelf ga wonen? Wat moet ik dan als ik mijn haar in een vlecht wil? Ik kon het maar beter nog een keer proberen. Wonder boven wonder lukte het! (Of eigenlijk niet echt ‘wonder boven wonder’… Zo moeilijk is het niet, ik was gewoon te lui om het te proberen.) Nog niet zo strak en soepel, maar oefening baart kunst. Gelukkig hoef ik het gefrummel aan mijn haar niet te missen. Voor het serieuze invlechtwerk moet ik nog steeds bij mama aankloppen – daarvoor moet ik nog even door oefenen

Ik heb besloten om ‘This week in…’ voortaan op maandag te plaatsen, anders is het zo’n gehaast steeds op de laatste dag van de week!