superpositie

Kan het ook anders?

Dat vroeg ik me af toen ik begon aan mijn masterscriptie voor de lerarenopleiding. Ik wilde onderzoek doen naar ‘dissent’: het in verzet komen tegen machtsstructuren, deze kritisch bevragen en hervormen, met als doel een rechtvaardigere samenleving. Ook het onderwijs is een machtsstructuur, waarvan bevraagd kan worden hoe rechtvaardig die is. Zouden jongeren niet aangemoedigd moeten worden de gang van zaken te bevragen? Waarom dit, waarom zo, waarom niet anders? Tegelijk kon ik niet ontkennen dat ik zelf ook in zo’n machtsstructuur zat: een wetenschappelijke opleiding die voorschreef waar een goede scriptie aan voldeed. Moest een onderzoek naar het bevragen van structuren, niet ook bevragen wat onderzoek kon zijn? Kon het ook anders – creatiever, intuïtiever, betekenisvoller? Ik besloot erachter te komen door het te proberen: ik begon niet met een traditioneel onderzoek, maar met een verhaal. Of ik er ook mee kon afstuderen – dat ging ik zien.

Het resultaat is ‘superpositie: (g)een scriptie over de kunst van dissent in het onderwijs’, het eerste hoofdstuk deel ik hier graag, je kan het hieronder lezen. Een centraal thema is ‘interesse’: hoeveel ruimte is daarvoor binnen het onderwijs? Wat als we vaker beginnen vanuit de vraag: wat wil je graag leren? In plaats van een vooraf bepaalde methodologie, volgde ik mijn eigen interesse. De opgedane inzichten beschreef ik in verhalen vol metaforen, fantasie en humor. (Ik heb er zelf in ieder geval erg om gelachen.) Binnen de wetenschap raakt het aan auto-etnografie: ik reflecteer op mijn eigen ervaringen als leerling, student en docent in het voortgezet onderwijs en verbind deze met theorie, kunst en gesprekken. Ook neem ik het scriptieproces zelf onder de loep. Wat moest ik er eigenlijk van leren? Waarom was het zo spannend dit alles te bevragen? En hoe zorgde ik ervoor dat dit verhaal iets teweeg ging brengen, dat meer mensen zich zouden afvragen: kan het ook anders in het onderwijs?

Het was hier weer even stil, dit verhaal vroeg mijn aandacht! Het werd een project dat mijzelf verrast heeft en waar ik met veel enthousiasme aan heb gewerkt. Ik ga nog onderzoeken hoe ik het op grotere schaal kan publiceren. Ik zal hier updates plaatsen, mocht je op de hoogte willen blijven!

excursie

Voor hen was het een excursie, voor mij een thuiswedstrijd. We begonnen met een stadswandeling langs de overblijfselen van middeleeuws Utrecht. De stadsbuitengracht die in de jaren zeventig getransformeerd werd tot autobaan, een kerk waar de kanonskogels nog in zaten, een gedenksteen voor een zuster die zich had laten inmetselen voor de goede zaak. Ik zag mijn stad door nieuwe ogen: die van mijn collega met zijn historische focus, en die van de leerlingen. Het was gek om hen door mijn wereld te zien lopen, waar ik me normaliter naar die van hen verplaats. Ik moest me inhouden om de locaties niet van alternatief commentaar te voorzien.

(‘Hiernaast zit een goede vintagewinkel.’

‘Daar om de hoek zit een leuke kroeg.’

‘Hier staan over een paar uur vooral veel mensen te blowen.’)

Aansluitend was er een museumbezoek, dat liep zoals verwacht. Er was de leerling die met een potlood nét iets te dicht bij een middeleeuws altaarstuk kwam. Er waren banken die een magnetische aantrekkingskracht hadden. Er was de gids die mij voor een leerling aanzag.

(Dat gebeurt wel vaker.

‘Nog even op de gang wachten tot de docent er is, hoor!’

‘Ik ben de docent.’)

Onderweg naar huis appte een vriend of ik mee uit ging die avond. Daar had ik wel oren naar en het kon ook – de dag erna was ik geen leraar.